· 

Becoming ''that kind of person''

Ik ben opgegroeid in een omgeving waar alcohol een verslaving was. Ik heb degene zien worstelen, zien vechten tegen de drang (drank). Ik heb documentaires gekeken over mensen die herstellen van een drugsverslaving, ik hoorde ze iets zeggen, iets waar ik al jaren de woorden voor zocht: 

 

'’Ik kon niet stoppen met het gebruiken van drugs, ik moest het soort persoon worden die geen drugs gebruikt.’’

 

Ik ben nooit afhankelijk geweest van drugs, of van alcohol, laten we dat voorop zetten. Maar er zijn toch behoorlijk wat overeenkomsten tussen het herstellen van drugs, alcohol en een eetstoornis. Beiden hebben een genetische en ecologische bijdragen aan hun ontwikkeling. Beiden worden afhankelijk van een bepaalde manier van leven, een manier waarbij het onvermijdelijk is dat het je persoonlijk overneemt en wie je bent.

 

& het gaat hierbij niet om het misbruiken van bepaalde middelen.

 

Het gaat niet om de drugs, het gaat niet om de alcohol of om het eten.

 

Hoewel de onderliggende wortels van deze afhankelijkheden ergens in onze genen kan worden gevonden, vergt het enige vorm van druk van buitenaf om ervoor te zorgen dat het zich volledig ontwikkelt. Je kunt er vatbaar voor zijn, maar als je nooit in een situatie in je leven terecht komt waar deze grote hoeveelheden ‘druk’ voorkomt (een ongezonde gezinssituatie, een relatie, een gemeenschap….) kan het waarschijnlijk nooit ontstaan.

 

Neem mijn ervaring met mijn eetstoornis als voorbeeld. De fundering van mijn eetstoornis ligt in mijn genen, hoogstwaarschijnlijk. Ik ben altijd al een onzeker meisje geweest, van kinds af aan. In mijn familie komen depressies voor, zijn er verslavingen en bepaalde karaktertrekken. Maar wat mijn stoornis tot een volledige ontwikkeling in mijn leven en dagelijkse gewoontes bracht, kwam van een enorme druk die ik meemaakte in de overgang van de basisschool naar de middelbare school.

 

 

Het ging absoluut niet over eten. Ik ontwikkelde een grote angst voor het eten en ondertussen ook een obsessie. Maar het was ook mijn steun voor de momenten in mijn leven waar ik geen enkele controle over had. Ik was mijn ware identiteit verloren, wie ik was leek een groot mysterie te zijn dat steeds verder uit de hand liep. Mijn moeder was in deze tijd van een paard gevallen en brak haar rug, thuis was het niet leuk en niet gezellig. Ik werd ontzettend gepest op school en was zoekende wie ik nou was.

Ik zou door kunnen gaan. Er waren ontelbare dingen waar ik geen controle over kon hebben, maar waar ik wel controle over had was: mijn eten. Dus dat deed ik ook. Ik had de touwtjes in handen en de manier waarop in lichaam er zo uitzag dat mijn leven in gevaar was, en ik mezelf overtuigde dat ik het deed om mooier te zijn, om meer acceptabel te zijn, om meer zelfdiscipline te krijgen. Maar wat in ondertussen écht deed, was me afkeren van de dingen in mijn leven die oncontroleerbaar voelden.

 

Ik werd opgenomen in het ziekenhuis, ik moest eten volgens een schema die ik van de diëtist kreeg om aan te komen en mocht de eerste tijd niet mijn kamer af (om maar zo min mogelijk beweging te hebben). Ik werd gewogen, gemeten en binnenste buiten gekeerd. Er werd vaak bloed afgenomen, ik lag aan de hartmonitor en had een infuus in mijn arm. Ik hoorde dokters met mijn moeder praten over hoe het met mij ging. Ik lag er voor weken, kreeg begeleiding van een psycholoog. Ik moest aankomen. Eer ik genoeg aangekomen was, het van de psych mocht en mijn vitale functies stabiel waren, mocht ik naar huis.

 

Begrijp me niet verkeerd, ik ben er op de een of andere manier nog dankbaar voor ook.  Hoe steriel en eng die hel ook was waar ik mij in bevond. It scared the shit out of me. Het heeft me iets gegeven om te vermijden in plaats van iets te geven om dichtbij mijn herstel te komen. En het heeft mij een beter beeld gegeven van de oorzaak en de gevolgen tussen mijn eetgewoonten en de enorme schade die het heeft gegeven aan mijn lichaam. Maar het deed me geloven dat dit alles alleen maar om het eten ging.

 

Als ik goed genoeg at, als ik goed genoeg woog, dan was ik genezen

 

 

Ik ging door met de goeie bewegingen. Ik heb alles van mijn bord gegeten, ik was ijverig in mijn herstel. Ik wilde hier vanaf, ik wilde beter worden. Ik zag hoe het getalletje op de weegschaal omhoog ging, wachtend op dat nummertje die aan zou geven dat ik op magische wijzen was genezen en alles zou weer goed zijn, zoals vanouds. 

 

Maar buitenom mijn organen was niets vanbinnen veranderd en genezen. Ik was zo gefocust op de fysieke doelen dat ik niet doorhad dat ik opnieuw aan het veranderen was. Een obsessie van zo slank en klein mogelijk, werd een obsessie voor zo goed mogelijk genezen (of, tenminste, zo te verschijnen dat iedereen me weer met rust zou laten).

Hoewel ik op het laatst een goeie therapeut had, die zeker probeerde om me te laten kijken waar dit allemaal echt over ging (het niet eten of de cijfers of de vitale functies), kon ik het niet als belangrijk beschouwen. Zij was niet degene die zou beslissen of ik terugging naar het ziekenhuis. Zij was niet degene die met doelen aan kwam, met cijfers of wat dan ook. Zij was niet degene die iedereen van me af kon krijgen, dat ze me met rust zouden laten. Ze was gewoon de dame waarmee ik wekelijks een gesprek had. Althans, dat was ze in mijn gedachten.

 

Als ik terug in de tijd zou kunnen gaan en iets kon vertellen aan het meisje van de middelbare school, dat het niet allemaal om het eten gaat, zou ik willen dat ze luisterde naar die boodschap die ik ooit is hoorde:

 

‘’Ik kon niet stoppen met het gebruiken van drugs, ik moest het soort persoon worden die geen drugs gebruikt.’’

 

Ik kon gewoon aankomen naar een gezond gewicht, gewoon eten en een normale bloeddruk hebben. Maar geen een van al deze opties zou me verder van die stoornis vandaan halen, niet zolang ik de achterliggende gedachte aan zou pakken, de dingen confronteren waar ik geen controle over heb.

 

WITHOUT THE INTENTION OF HEALING, I WOULD NOT HEAL, NO MATTER HOW MUCH ACTION I TOOK.

 

Onze overtuigingen over herstel, hetzij een eetstoornis, een drugs – of alcoholverslaving of welke andere verslaving dan ook: pak niet alleen de symptomen aan en het fysieke, maar kijk alsjeblieft naar het onderliggende.

 

Je kan gewoon gaan eten, je kunt aankomen in gewicht of die fles drank laten staan. Maar al je het innerlijke niet aanpakt, zonder intentie iets doet, dan zal je op een dag denken dat je je nog steeds zo rot voelt en is de kans op een terugval des te groter. Dat is net zoals bij een eetstoornis: je denkt dat je blij bent als je eenmaal een bepaald gewicht hebt gehaald, maar alsnog voel je je shit, je gaat er alleen maar verder op in. Het is een toevluchtsoord, een veilige plek, net als bij drugs of alcohol.

 

IT'S NOT ABOUT THE FOOD. IT'S NOT ABOUT THE DRUGS. IT'S NOT ABOUT THE DRINKING OR THE SEX OR THE OVEREXERCISING. IT'S NOT ABOUT THE SYMPTOMS. IT'S ABOUT TREATING THE CAUSE, AND THAT CAN BE A LONG AND PAINFUL PROCESS TO FIND.

 

I am still trying to become that person, elke dag weer opnieuw. Het is een proces voor het leven, daar ben ik van overtuigd. Maar ik ben op een punt gekomen dat het voor mij duidelijk is dat alleen symptomen bestrijden niet werkt, dat weerhoudt mij er alleen maar van om te kijken naar hetgeen wat er echt toe doet: het mentale.

 

 

 


Reactie schrijven

Commentaren: 2
  • #1

    Marjolijn (donderdag, 13 juni 2019 15:19)

    Wauw. Zo goed en duidelijk onder woorden gebracht. Zo waar. Ben mega trots op je. Je bent een mooi, goed en lief mens.

  • #2

    Paul (zondag, 16 juni 2019 17:56)

    Ik begrijp het. Sorry voor alles.Meer kan ik nu niet zeggen.Komt binnen, Zal ik maar zeggen.
    IK moet hier verder mee leven. Laat het los aub. Doe zo mijn
    best.
    Er is nog wat anders.




Volg je mij al op Instagram?